JAN PAUL VAN SOEST | De Gemeynt | ecologische economie | interview

Jan Paul van Soest, duurzaamheidsconsultant van De Gemeynt:

‘Laten we in de economie vooral eco-wijsheid vooropstellen’

Duurzaamheidsconsultant Jan Paul van Soest, partner van De Gemeynt, timmert graag duurzaam aan de weg, soms tegendraads, meestal Rijnlands en samenwerkend aan duurzaamheidsvraagstukken. Van Soest maakt zich zorgen over het publieke klimaatdebat, de eenzijdige focus op elektronen en over de onuitgesproken veronderstelling dat duurzame energiebronnen geen impact hebben. Een gesprek met een bevlogen ingenieur die ‘dorpse’ oplossingen zoekt voor mondiale problemen.

Jan Paul van Soest is een man met een duurzame missie, iemand die zich bezig houdt met de wisselwerking tussen ecologie en economie en het grensvlak tussen kennis en inhoud aan de ene kant en veranderingsprocessen voor organisaties en maatschappelijke instellingen aan de andere kant. Hij is een van de founding fathers van de coöperatie De Gemeynt, een woord dat synoniem staat voor het Engelse woord commons, een beweging van onderop die nog sterk onderbelicht is in de media. Jan Paul van Soest: “In 1973 las ik tijdens een fietsvakantie in Frankrijk het rapport Grenzen aan de Groei van de Club van Rome. De Club onderzocht vijf grote wereldproblemen in hun onderlinge verband: de groei van de mondiale bevolking, de voedselproductie, de industrialisatie, de uitputting van grondstoffen en milieuvervuiling. Het rapport had zo’n krachtige impact op me dat ik dacht: ‘Dát moet ik gaan doen: Milieuhygiëne in Wageningen’. Nu zit ik in adviesraden voor kennisinstellingen, begeleid ik verandertrajecten of ontwerp ik nieuwe strategieën, bijvoorbeeld voor de gassector.”

Verrekenmechanisme
Je houdt je bezig met de wisselwerking tussen ecologie en economie. Wat doe je dan precies bij De Gemeynt?
“Onze visie is dat de economie alleen maar kan floreren als we natuurlijk en duurzaam met de natuur omgaan. Wij houden ons voornamelijk bezig met natuurlijke hulpbronnen waar geen eigendom op zit, bijvoorbeeld het wereldklimaat, de Waddenzee, water, schone lucht, ongerepte natuurgebieden. Mensen gingen in toenemende mate die natuurlijke en collectieve hulpbronnen gebruiken. In de vorm van toerisme, visserij, gaswinning, scheepvaart, recreatie, en dergelijke. Dat kan alleen maar goed gaan als je met elkaar – bewust of onbewust – afspraken maakt over een redelijke verdeling van het gebruik. Als iedereen zijn eigen winst maximaliseert, dan stort dat systeem in elkaar en blijft er van de productiviteit niets meer over. De enige remedie is dat er een vorm van samenwerking is.” Dat gaat niet altijd goed, dus. “Nee, maar afspraken maken is wel de enige uitweg. In de afgelopen honderd jaar hebben we geen oog gehad voor die gezamenlijke hulpbronnen. We vonden immers dat de natuur gratis te gebruiken was. Er was geen verrekenmechanisme. We zijn er blind van uitgegaan dat de natuur onuitputtelijk was.”

“We doen veel moeite om kennis te verzamelen over die collectieve hulpbronnen, zoals klimaat, riviersystemen of biodiversiteit”, vervolgt Van Soest. “Dus alles wat impact heeft op onze planeet. We werken daarbij pragmatisch en proberen toe te werken naar situaties waar het belang van die hulpbronnen wordt erkend. Dat je een gesprek of discussie regelt opdat er duurzaam beheer ontstaat.” Jullie werken dan niet alleen voor organisaties en overheden, maar voor het algemeen nut. “Eigenlijk wel.”

Keer denken om
We zien dat de duurzaamheids- en circulariteitsgedachte steeds meer ingang krijgt in Nederland. Maar is dat voldoende om de klimaatverandering te kunnen keren?
“Om het simpel te zeggen: we klungelen maar wat aan. We hebben de mond vol over de Parijse akkoorden en de noodzaak om de broeikasgassen te beperken, maar de afgelopen jaren is het gehalte aan CO2 sterker gestegen dan alle jaren daarvoor. Wereldwijd. Er is nog geen sprake van een kentering! Het is maar de vraag of we over dertig jaar op nul uitkomen met onze broeikasgassen. We moeten binnen de veerkracht van de ecosystemen blijven. En dat betekent dat we méér moeten doen. Ons denken omkeren. Begin vast te stellen wat de planeet aankan – wat draagbaar is – en kijk vervolgens wat voor een soort economie daarbij past. We hebben nu een primaat voor economische groei. Je ziet waar het toe leidt! Goedkope vluchten naar Barcelona of verzin het maar. Moeten we nóg meer groeien? We zijn gaan denken dat Economy First het panacee voor alle wereldproblemen is. We moeten oppassen dat de slang niet in z’n eigen staart gaat bijten.”

Rijnlands versus Angelsaksisch
Waar zou de gedachte Ecology First, Economy Next het beste kunnen landen?
“Het Rijnlandse Model heeft een betere ingang dan het Angelsaksische Model dat uitgaat van de korte termijn, het individuele welbevinden en geluk. Ik denk dat het Rijnlandse Model van Oost-Nederland veel meer uitgaat van de collectiviteit, noaberschap en de menselijke maat. Hanzegids Harry Webers heeft een mooi artikel over dat Rijnlandse denken en doen geschreven. We moeten weer leren om gezamenlijk slimmer om te gaan met de natuurlijke hulpbronnen.”

Moleculen
“Recent hebben wij het rapport Green Liaisons geschreven over de eenzijdige focus op elektronen. Energie is namelijk meer dan elektriciteit. Elektriciteit vormt maar ongeveer twintig procent van het Nederlandse energiegebruik. De rol van grondstoffen wordt al te gemakkelijk vergeten. Met ons rapport willen we de discussie verbreden en dat begint al aardig te lukken. In een duurzame economie blijven moleculen namelijk ook nodig. Gegeven de klimaateisen moeten die moleculen dan wel klimaatneutraal zijn. Dat kan waterstof zijn (blauwe waterstof: uit aardgas met afvang en opslag van CO2, of groene waterstof: op basis van hernieuwbare elektriciteit) of andere verbindingen zonder koolstof, zoals ammoniak.”

Financieren
Ben je wel positief over de haalbaarheid van een en ander?
“Ik denk niet dat wij de klimaatdoelstellingen gaan halen.” Wat moet er gebeuren in Nederland? “Ik denk dat de overheid z’n verantwoordelijkheid en de leiding moet nemen. We zijn heel sterk neoliberaal gaan denken. Het komt erop neer dat de overheid zegt: ‘We horen wel wanneer en hoe jullie (bedrijven en burgers) het vraagstuk gaan oplossen’. We moeten normen op allerlei apparaten en huizen stellen, isolatieprogramma’s voor iedereen opzetten, onderzoek- en innovatieprogramma’s opzetten, hoge prijzen voor CO2-uitstoot hanteren.” Dat is toch niet te betalen door de burger? “Moet je kijken wat je gaat betalen als je niets doet! Het is meer een kwestie van financieren. Dan heb je een ander verhaal. De kosten gaan sowieso omhoog als je niets doet. Er is geen regelgeving die de CO2-uitstoot tegengaat. Maar ik zie dat partijen als de gaswereld anders zijn gaan denken, z’n accenten begint te verleggen, op zoek gaan naar aardwarmte en bezig zijn met de aanleg van warmtenetten.

De Gemeynt is adviseur en ideeënontwikkelaar voor bedrijven, instellingen en overheden, maar wat kan de burger doen? Achteroverleunen en afwachten? “Kun je ook doen, maar ik zou het je niet aanraden. Ik zie dat er inmiddels een aantal burgers verenigd zijn in energiecoöperaties. Ik zie ook dat er initiatieven in de landbouw- en voedselsector worden ondernomen. Daar ontstaan coöperaties of samenwerkingsverbanden met boeren om lokaal voedsel naar de lokale supermarkt te brengen. Een ander initiatief is het door mensen gecreëerde voedselbos met een hoog aantal eetbare plantensoorten.” Het lijkt me dat er veel meer moet gebeuren. Zijn de burgers wel goed op de hoogte van de mogelijkheden en onmogelijkheden van het duurzaamheidsvraagstuk? “Nee, dat denk ik niet. Dat kun je van de burger ook niet verwachten. Naar mijn idee is de overheid ervoor om een en ander voor de individuele burger te regelen. Je kunt niet – als je in de polder natte voeten krijgt – zeggen: ‘Een droge polder begint bij uzelf’. Kijk maar naar de VS. Daar hebben ze veel aan de burger overgelaten. Je ziet wat daar gebeurt als er in dat land sprake is van een overstroming.” Moeten we hier meer naar het Rijnlands Model? “Naar mijn gevoel wel. Het rentmeesterschap zou meer de boventoon moeten voeren. Ik zou tot slot willen zeggen: ‘Laten we in de economie vooral de eco-wijsheid voorop gaan stellen.”

Portretfoto’s: Berbe Rinders en Nanda Gilden

AUTEUR MARY SPAN | ©EVOLUTIEGIDS | 180918
Evolutiegids en trendjournalist/publicist. Hou ervan je te inspireren en te activeren
voor zinvolle evolutie in leven en werk, bouwend aan een wereld van nieuwe mogelijkheden.

gertjanhospers

In Oost-NL innoveren ze met een wereldwijde missie

Een interview met prof.dr. Gert-Jan Hospers over de stille kracht en het economisch welvaren van Oost-NL.

waterisleven1

Waterspecial

Water is levend, schept leven en brengt evolutie. Elk levend wezen heeft het nodig, maar de betekenis is voor iedereen weer anders.

CONTACT US

We zijn momenteel niet aanwezig. Je kunt ons een e-mail sturen, dan komen we er zo snel mogelijk op terug.

Wordt verstuurd

Lift Your Life & Your World & Share it!

Login met je gegevens

Je gegevens vergeten?