GERT-JAN HOSPERS | de kracht van Oost-Nederland | interview

Prof.dr. Gert-Jan Hospers, economisch geograaf en bijzonder hoogleraar Transitie in Stad en Regio:

‘In Oost-Nederland innoveren ze met een wereldwijde missie’

De meeste mensen associëren Oost-Nederland met rust, noaberschap, toerisme en landbouw. Weinigen weten dat de stille kracht van Gelderland en Overijssel wordt gevormd door innovatief en duurzaam ondernemerschap. Economisch geograaf  en hoogleraar Transitie in Stad en Regio prof.dr. Gert-Jan Hospers, verbonden aan de universiteiten van Twente en Nijmegen, weet dat als geen ander. Hij schreef het boek ‘Slimme streken’ dat verplichte kost is voor verstokte stedelingen, nieuwe ondernemers, evolutionaire ambtenaren en burgers die van onderop vooruit willen. Voor u hier heel exclusief.

Prof.dr. Gert-Jan Hospers is iemand die zich thuis voelt in het oosten van het land en het verschil wil maken. Hij is goed op de hoogte van het economisch welvaren van Oost-Nederland en van wat plekken met mensen doen. Dat kan ook niet anders: hij heeft economie, rechtsgeleerdheid en bestuurskunde gestudeerd en is nu economisch geograaf aan de Universiteit Twente, bijzonder hoogleraar Transitie in Stad en Regio bij de Radboud Universiteit Nijmegen en directeur van stichting Stad en Regio. Hij doet praktijkonderzoek op ooghoogte, omdat hij het verhaal van mensen achter de cijfers heel belangrijk vindt. Onlangs analyseerde hij de Gelderse maakindustrie, begeleidde hij de Achterhoekse Toekomst Toer en werkte hij aan de positionering van Hardenberg. Nu ligt er een nieuw boek op de plank: Slimme streken, de kracht van het platteland

Innoveren met een missie
“Niet alleen plekken zijn belangrijk in mijn onderzoek, ook het gevoel dat mensen hebben bij die plek. Op de universiteit laat ik dat gevoel ook meespelen bijvoorbeeld in mijn college over Placemaking. Over hoe je plekken leefbaar en aantrekkelijk kunt maken”, legt Gert-Jan Hospers uit. “En in mijn stichting Stad en Regio doe ik praktijkonderzoek en begeleid ik overheden en instellingen bij het maken van visies en plannen.” Je hebt ook onderzoek gedaan naar de dynamiek en verankering van de Gelderse maakindustrie. “Ja, opvallend veel maakbedrijven in het oosten van het land innoveren met een missie – ze bieden oplossingen voor maatschappelijke uitdagingen zoals klimaatverandering, voedselzekerheid en vergrijzing. Maar als je me nou zou vragen welke identiteit de provincies Overijssel en Gelderland hebben, dan is dat profiel niet zo heel erg duidelijk. Duidelijk is wel dat de zon daar als eerste opkomt. Dat staat voor mij symbool voor de mentaliteit van vroeg opstaan, aan de slag gaan en de schouders eronder. Want er wordt hard gewerkt in Oost-Nederland.”

Handstad
Hospers licht dat met een aantal voorbeelden toe. “De maakindustrie in Oost-Nederland is heel divers. Denk maar eens aan de belangrijke papierindustrie in het midden van Gelderland en Twente met haar innovatieve ondernemerschap. De Achterhoek heeft veel wereldspelers op het gebied van machines, metaal en meubelen. In Arnhem-Nijmegen én de Achterhoek zit veel kennis op het gebied van water en het onderzoek van Wageningen Universiteit op het gebied van voeding is toonaangevend. Maakbedrijven gericht op gezondheid zitten niet alleen in Arnhem en Nijmegen, maar bijvoorbeeld ook in Rivierenland. En in de Food Valley en Noord-Veluwe vinden we bedrijven die bijdragen aan de toekomst van de internationale land- en tuinbouw. Nederland is een handstad geworden (Hospers toont zijn hand) met uitlopers van de Randstad naar Eindhoven, Arnhem-Nijmegen, Amersfoort en Zwolle.”

Alles kump goed
“De Duitse filosoof Ernst Cassirer (1874-1945) stelde dat er in de loop van de geschiedenis een mythische geografie is ontstaan, waarbij elk van de vier windstreken met een ander element wordt geassocieerd: ‘Het Noorden symboliseert de lucht, het Zuiden het vuur, het Oosten de aarde en het Westen het water. Oost-Nederland is geworteld in de aarde: nuchter, krachtig, de mensen zijn zoals ze zijn. Ze laten zich niet zo snel van de wijs brengen en dat komt tot uiting in de veelgehoorde uitdrukking ‘alles kump goed’. Maar we moeten niet onderschatten wat verhalen met mensen doen. Daarom vind ik positief taalgebruik heel belangrijk.”

Netwerkdichtheid
Dus wat is de kracht van Oost-Nederland?
Gert-Jan Hospers: “Ik kijk dan niet naar de Valleys, maar naar hoe mensen hun leven organiseren en hoe ze met elkaar actief zijn. Dan vallen er een aantal dingen op. Oost-Nederland is een gebied waar mensen op buurtniveau dingen samen doen. De netwerkdichtheid is heel erg hoog. Je kunt dan snel wat regelen of ondersteuning bieden. Er kan dus snel geschakeld worden. Je kunt van de oosterling op aan, want afspraak is afspraak. Mensen kennen elkaar privé en benutten dat ook zakelijk of omgekeerd. Korte lijntjes dus zowel in Overijssel als in Gelderland. De provincies werken al langer met elkaar samen. Ik zie wel dat de hogeropgeleide mensen meer regionaal en globaal zijn georiënteerd dan de lageropgeleide bevolking die meer lokaal leeft en werkt. Hogeropgeleiden zijn eerder bereid te verhuizen dan lokaal georiënteerde mensen. De kracht zit ‘m in de menselijke maat en de gemeenschap oftewel het noaberschap.” In jouw boek schrijf je dat we het noaberschap niet moeten overschatten. “Klopt, het is een soort cliché geworden. Je hoort erbij als je mee wilt doen. Daar horen verplichtingen bij, maar ook zaken als sociale controle, en dergelijke. Door die netwerkdichtheid wordt er wel eens argwanend gekeken naar nieuwe ideeën van buiten. Dat is de keerzijde daarvan. Ik heb wel eens het idee geopperd om Achterhoekers te laten meedenken in het Twentse of omgekeerd.” Dat gebeurt nog niet echt. “Nee, de regio’s zijn nog redelijk gesloten, terwijl ze elkaar goed zouden kunnen aanvullen. Er zouden wel eens verrassende nieuwe combinaties kunnen ontstaan bij regiogrensoverschrijdende samenwerking.”

Verborgen kampioenen
Zijn mensen in Oost-Nederland in voor vernieuwing?
“Ja, mits het is ingebed in waar ze goed in zijn. Dan heeft het een kans van slagen. In mijn proefschrift uit 2004 koppel ik daarom al globale trends met lokale tradities. Ook nu zie ik dat de maakindustrie zowel in Gelderland als in Overijssel de nieuwe ontwikkelingen in hun industrie inbedden. Ze doen dat heel goed en zijn daardoor heel succesvol. Er zijn ook veel bedrijven die innoveren met een missie, die met hun producten of diensten wereldwijd helpen bij het oplossen van vraagstukken. Dat is voor de toekomst heel interessant, want we moeten niet vergeten dat het oosten al van nature verbonden is met duurzaamheid.” Ze worden er dagelijks mee geconfronteerd. “Precies! Veel bedrijven doen wat met duurzaamheid, veiligheid en gezondheid. Een leuk voorbeeld is het consortium van Twentse bedrijven die een waterzuiveringsinstallatie voor Maleisië bouwt. Een ander voorbeeld is het bedrijf Humeca uit Borne dat producten maakt voor huidtransplantatie en daarmee een wereldspeler is geworden.” Dat zijn hartgevoelde producten, lijkt het wel. “Ja”, zegt Hospers verrast, “de spijker op de kop. De menselijke maat is nooit ver weg.” Komt dat ook omdat het veelal familiebedrijven zijn? “Het zijn bedrijven die voor de lange termijn gaan en het belangrijk vinden dat er een goede toekomst is voor ons allemaal. Het zijn bedrijven met wortels en vleugels. Ze zijn geworteld in de regio en tegelijkertijd wereldwijd actief. Ik noem ze de verborgen kampioenen.”

Slimme mensen
Hoe komt het dan dat ze niet opvallen?
“Dat komt omdat ze vaak producten maken die deel uitmaken van een ander product. Dat is het ene aspect. Het andere aspect is dat ze het niet nodig hebben om promotie te maken want ze zijn al wereldspeler. Ze zijn met hun klant bezig en dáár doen ze alles voor. Zij innoveren samen met de klant, vaak op locatie. Maar nu moeten ze wel gaan nadenken over hun marketing. Vanwege het personeelstekort en het wegtrekken van talentvolle jongeren naar de Randstad. Ze moeten blijven werken aan hun continuïteit. Ze hebben slimme mensen nodig – vaak mbo-plus met commerciële of digitale vaardigheden.”

Universitaire kennis
“Maar ik wil nog een statement maken. Ik zie dat de universiteit van Twente nog teveel op een eiland actief is en teveel verbonden is met grote partijen. Dat geldt overigens ook voor Wageningen Universiteit, ondanks het feit dat ze een bijdrage leveren aan het wereldwijde voedselprobleem. Het is ook belangrijk universitaire kennis naar een bedrijventerrein in Rijssen, naar de regionale bedrijven in de Achterhoek of de kleinere bedrijven in de Food Valley te brengen.  Het zou jammer zijn voor de evolutie van Oost-Nederland als ze dit aspect laten liggen.”

AUTEUR MARY SPAN | ©EVOLUTIEGIDS | 180914
Evolutiegids en trendjournalist/publicist. Hou ervan je te inspireren en te activeren
voor zinvolle evolutie in leven en werk, bouwend aan een wereld van nieuwe mogelijkheden.

wur1

Wageningen Universiteit 100 jaar

De Wageningse Universiteit fixt het toch maar: 100 jaar oud worden en werelduniversiteit blijven!

aardgroen

We zetten innovatief ondernemerschap op de kaart

Prof.dr. Aard Groen van Universiteit Twente en Universiteit Groningen ondersteunt nieuwe of bestaande bedrijven die innovatieve business willen ontwikkelen.

CONTACT US

We zijn momenteel niet aanwezig. Je kunt ons een e-mail sturen, dan komen we er zo snel mogelijk op terug.

Wordt verstuurd

Lift Your Life & Your World & Share it!

Login met je gegevens

Je gegevens vergeten?