FRANK DEN BUTTER | lage rente | column

Lage rente: ramp of zegen?

Lage rente: ramp of zegen?

Een lage rente lijkt misschien plezierig, met lage kosten voor het afsluiten van een hypotheek of lening. Maar de fors gedaalde rente heeft ook heel wat andere kanten. Hier een uitleg van economiegids Frank den Butter…

Op 12 september 2019 heeft Mario Draghi tijdens zijn laatste vergadering als voorzitter van de Europese Centrale Bank (ECB) de depositorente verlaagt naar -0,5 procent. Het betekent dat banken die geld bij de ECB stallen daarop moeten toeleggen. Een verdere verlaging van de rente wordt niet uitgesloten. Bovendien heeft Draghi het opkoopprogramma van staatsobligaties – de big bazooka– weer in werking gesteld. Het betekent dat via de financiële wereld weer enorm veel extra geld in de economie wordt gepompt. Volgens de ECB is zo’n monetaire impuls nodig omdat de Europese economie last krijgt van de Brexit-onrust, van toenemende handelsspanningen en meer in het algemeen van een conjuncturele aarzeling. 

Knot’s reactie
Op zijn zachts gezegd was niet iedereen het eens met deze drastische maatregelen om de economie te stimuleren. Zo heeft Klaas Knot, President van de Nederlandsche Bank (DNB), openlijk aangegeven dat hij in de ECB vergadering tegen het besluit had gestemd. Dat is ongebruikelijk want het is de gewoonte dat stemverhoudingen en verschillen in inzichten in de ECB vergaderingen binnenskamers blijven. Daarbij is Knot bovendien meestal gericht op consensus bij standpuntbepaling. Volgens Knot staan de maatregelen echter ‘in geen verhouding tot de huidige economische omstandigheden en er zijn gegronde redenen om de effectiviteit ervan in twijfel te trekken’. Ook de net geïnstalleerde Oostenrijkse centrale bankier Robert Holzmann nam afstand van het besluit van de ECB. Naast Nederland en Oostenrijk waren ook Duitsland, Estland en Frankrijk tegen.

Voordeel van lage rente
Een voordeel van de lage rente en de overvloedige beschikbaarheid van geld is dat lenen en het aangaan van schulden goedkoper wordt. Dat wordt gestimuleerd en lijkt gunstig wanneer bedrijven, maar vooral ook overheden, willen investeren in de economie om de productiecapaciteit te verhogen en de infrastructuur te verbeteren. Bovendien is het dan gemakkelijker om een grote staatsschuld te herfinancieren, hetgeen een voordeel is voor Italië en enkele andere Europese landen met een hoge staatsschuld. Overigens is de lage rente niet uitsluitend de schuld van het beleid van de ECB. Met de relatief lage inflatie en overvloedige geldvoorziening is de kapitaalmarktrente op zich al laag.

Vermeende voordelen
In Nederland, en veel andere Europese landen, betekent het dat ook de hypotheekrente steeds lager wordt. Dat lijkt gunstig omdat daardoor een hypotheek goedkoper wordt en het dus gemakkelijker is om een huis te financieren. Maar het gevolg is ook dat het een opdrijvend effect op de huizenprijzen heeft. Zo worden, zeker in de grote steden, de woningen zo duur dat ze nauwelijks betaalbaar zijn voor starters op de woningmarkt. En degenen die wel een huis kunnen kopen, moeten zich diep in de schuld steken. Weliswaar tegen een lage rente, maar wanneer de rente in de toekomst weer omhoog gaat is het de vraag of de hypotheeklasten dan nog te dragen zijn.

Rendementen omlaag
Bedrijven kunnen dankzij de lage rente investeringen doen die eerst niet rendabel waren. Maar ook dat is niet onverdeeld een voordeel. Het kunnen immers risicovolle investeringen blijken waarop rendementen tegenvallen. Financiering met schuld betekent dat te zijner tijd in ieder geval die schuld moet worden afgelost. Wanneer het geïnvesteerde kapitaal niet (volledig) kan worden terugverdiend levert dat toch een verlies op, ook al is de rente laag.

Procyclisch beleid
Een van de bezwaarpunten tegen het huidige beleid van de ECB is dat deze tot doel heeft om de economie een conjuncturele impuls te geven terwijl er (nog) geen sprake is van een conjuncturele neergang. Althans niet in de landen die tegen de maatregelen van de ECB hebben gestemd. Zo wordt in Nederland voorzien dat de lonen weer gaan stijgen. Op de arbeidsmarkt is er sprake van overspanning, met veel vacatures. Ook al zijn groeipercentages niet meer zo hoog als in de jaren 50 en 60 van de vorige eeuw, toch is er momenteel eerder sprake van een hoogconjunctuur dan van een conjuncturele neergang. Zeker wanneer men bedenkt dat een deel van de groeipotentie niet voor economische groei in materiële zin oftewel productiviteitsgroei wordt benut maar voor het bereiken van welbevinden en klimaatdoelstellingen. Conjuncturele stimulering in zo’n situatie werkt procyclisch (de conjunctuur wordt dan gestimuleerd wanneer deze al hoog is) en dat is tegen de aloude voorschriften van de conjunctuurpolitiek. Vanuit dat gezichtspunt is eerder een renteverhoging en een verkrapping van de geldvoorziening nodig dan een verlaging en een verruiming.

Pensioenen
Tenslotte heeft de lage rente dramatische gevolgen voor de pensioenen omdat de berekening van de dekkingsgraad van pensioenfondsen – de verhouding tussen verplichtingen en pensioenvermogen – afhangt van de rekenrente die gekoppeld is aan de kapitaalmarktrente. Hoe lager de rente, des te hoger de verplichtingen zijn en des te lager de dekkingsgraad. Bij een dekkingsgraad beneden de 100% dreigen kortingen, hetgeen momenteel voor een aantal pensioenfondsen al het geval is. Dat wordt alleen maar erger wanneer de rente nog verder daalt. Hopelijk biedt het beleggingsrendement, wanneer dat tenminste op peil blijft, nog enig soelaas.

Eerder ramp dan zegen
Al met al is de lage rente voor ons land eerder een ramp dan een zegen. Het is vooral gunstig voor personen en landen, die zich in de schulden steken en geen besef hebben dat schulden eens afbetaald moeten worden. Of in geval van staatsschuld als last aan volgende generaties wordt doorgegeven. Dat laatste is nog niet zo erg wanneer al het geld wordt gebruikt voor investeringen die de toekomstige generaties ten goede komen. Maar vaak gaat het om potverteren en leuke plannetjes die politiek gewin opleveren. En de lage rente is een ramp voor de landen met grote spaarzin. Zoals Nederland met zijn hoge pensioenvermogens.

Tweedeling in Europa
In die zin dreigt door het lage rentebeleid van de ECB een soort tweedeling in Europa te ontstaan; tussen landen die een verantwoord financieel beleid voeren, en landen die de financiën wat meer van de zonnige kant bekijken en begrotingsregels aan hun laars lappen. Het is verleidelijk om de eerste groep te bestempelen als landen in het voormalige Hanzegebied. Inderdaad trekt Nederland in de eurozone veel op met Hanzelanden als Ierland, Denemarken, Zweden, Finland, Litouwen, Letland en Estland. Deze zijn voor een streng economisch beleid met het doel de muntunie stabiel te houden. Maar naast Estland en Duitsland – toch ook een Hanzeland- deden bij het protest tegen Draghi ook Frankrijk en Oostenrijk mee. Hopelijk weet de aanstaande voorzitter van de ECB, de Française Christine Lagarde, met een minder ruim monetair beleid zo’n tweedeling te voorkomen. Het zou vooral de Nederlandse pensioenfondsen goed uitkomen.

Frank den Butter, economiegids Evolutiegids
AUTEUR FRANK DEN BUTTER | ©EVOLUTIEGIDS | 190924
Economiegids Frank den Butter is hoogleraar Algemene Economie aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Transactie-econoom die onderzoekt hoe Nederland zijn positie als handelsland in de toekomst het beste kan benutten.
Het Brexitspel van Boris Johnson

Het Brexitspel, pokeren op volksvertegenwoordigend niveau

De Brexit houdt de gemoederen van veel landen bezig. Het lijkt vooral een tragisch of komisch Brexitspel.

economie

Gedurfde ideeën voor een nieuwe economie

Stel je voor dat je de mogelijkheid hebt om de economie opnieuw vorm te geven. Waarvoor zou jij gaan?

COPYRIGHT | PRIVACY |CREATED BY MARY SPAN | ARCHIEF

CONTACT US

We zijn momenteel niet aanwezig. Je kunt ons een e-mail sturen, dan komen we er zo snel mogelijk op terug.

Wordt verstuurd

Login met je gegevens

Je gegevens vergeten?